Herstelling en restauratie
Bij een jaarlijks onderhoud van uw instrument komen de volgende werkzaamheden het meest voor:
• Toets schrapen en opnieuw polieren
• Instrument reinigen
• Stempen aanpassen en gesmeerd laten lopen
• Eventueel kleine lak retoucheringen
• Snaren nakijken, ev. nieuwe snaren voorstellen
• Plaats stapel controleren, in samenspraak met de muzikant naar een klankideaal zoeken
• Strijkstok verharen
Een strijkinstrument wordt alleen maar beter door een juiste afregeling (set-up). Deze afregeling heeft betrekking op alle onderdelen van een instrument die kunnen aangepast worden aan de persoonlijke noden van de muzikant zoals stempennen, snaren, brugje, toets, hals, kam, snarenhouder, eindpin (bij violoncello en bas), basbalk en strijkstok (verharen en balanspunt corrigeren).
De drie verschillende fases:
De eerste, en minst dure, ingreep op een instrument bij een set-up is de strijkstok en de snaren. Het veranderen van snaren of het verharen van een strijkstok met kwaliteitshaar kan een groot verschil maken in de klank van een instrument. Ook het schrapen en polieren van een toets geeft een gevoelige verbetering voor het spelerscomfort én voor de intonatie.
De tweede ingreep bij een set-up is het nazicht van de stapel: plaats, grootte, dikte e.d.. Daarbij komt het bijsnijden van de kam. De kam heeft voor elk type instrument een ideale snit zodat de klank positief wordt beïnvloed.
Deze twee ingrepen zijn omkeerbaar en relatief eenvoudig uit te voeren met dikwijls een verbazingwekkend resultaat als gevolg.
Het meest radicale: is uiteraard het opnieuw inzetten van de hals: met een andere “appui” (afstand klankblad - toets) en met een hogere of lagere toetsprojectie als gevolg. Sommige instrumenten hebben voordeel bij het veranderen van de basbalk, deze zal de soepelheid van het klankblad en dus ook de klank beïnvloeden.

























